Medereizigers

Rudy Kousbroek

over de liefde tussen mensen en dieren

Vanaf zijn vroege jeugd heeft Rudy Kousbroek geschreven over dieren. Zijn allereerste opstel, geschreven op de leeftijd van acht jaar, ging over een oude schildpad. In de daaropvolgende zeventig jaar schreef Kousbroek talloze beschouwingen over dieren, die hun weg vonden in publicaties en voordrachten. Het bijzondere van deze beschouwingen is dat ze niet helemaal aansluiten op de voorstelling van dieren in onze kinderboeken. Al vanaf zijn vroegste schoolopstellen kenmerkten Kousbroeks ontboezemingen zich door een weigering zich aan te sluiten bij de manier waarop dieren in de populaire cultuur worden voorgesteld: Kousbroek herinnert zich dat hij van kinds af niet hield van snoezige dieren, van honden die een pijp roken, van dieren met kinderstemmetjes zoals in films. Nieuw zijn ook de beschouwingen over Konrad Lorentz, die Kousbroek destijds om politieke redenen niet wilde opnemen in zijn Huizingalezing (1972) maar waarin hij nu alsnog getuigt van zijn eerbied voor Lorentz' ontdekking van de imprinting bij pageboren ganzen. Het boek wordt afgesloten met essays gebaseerd op twee merkwaardige toppen in de westerse literatuur: het gedicht van een Ierse monnik over zijn kat Pangur BΓ‘n (negende eeuw) en het loflied van de Engelse dichter Christopher Smart op zijn kat Geoffrey (1760), met tot slot een beschouwing over het sterven van geliefde huisdieren.
€ 20,99 Paperback / softback Op voorraad
ISBN
9789045032627
Pagina's
Onbekend
Type
Paperback / softback
Afmeting
210 mm x 140 mm x 16 mm
Gepubliceerd
november 2017
Taal
Nederlands
Uitgever
Atlas-Contact
Imprint
Atlas Contact


Leestips ontvangen

Altijd op de hoogte van het laatste nieuws over boeken, schrijvers en activiteiten? Meld je dan hier aan voor onze maandelijke nieuwsbrief.

Schrijf je in