Joubert Pignon zoekt #Woldhorst

Op 30 juni 2014 opende #Woldhorst haar deuren, het eerste Twitter Literatuur Festival van Nederland. Een week lang kon heel twitterend Nederland genieten van virtuele optredens van, en interviews met allerlei binnen- en buitenlandse auteurs.

Het was feest op #Woldhorst, maar iedereen miste één auteur: Joubert Pignon. Hij kon de camping niet vinden. Gelukkig kon hij wel twitteren. Hierbij het verslag van zijn zoektocht dat hij speciaal voor #Woldhorst in tweets schreef:

 

Met mijn kompas peil ik de richting naar #woldhorst. De weg wordt een probleem, omdat er zo weinig bruggen zijn.

Mijn schoenen zijn stevig en naar mijn voeten gaan staan. Ik heb er vertrouwen in.

Ik heb de routekaarten van 1 t/m 5 genummerd. Tegen de regen verpakt in twee plastic tassen.

Ik loop naar #woldhorst. Een mens moet zich niet sneller dan zijn ademhaling willen verplaatsen.

Op een verregende akker rent een man achter een hond aan. Het gras ligt plat en het is smerig.

Alles is heel nieuw, een nieuw stuk leven. Zojuist stond ik op een brug, onder mij een gedeelte van een autoweg in aanbouw.

Na deze paar kilometers te voet weet ik dat ik niet goed snik ben, het weten komt uit de zolen.

Op de akker hebben ze tijdschriften verbrand. Ik sta stil tussen de akkers. Brommers met jonge boeren knetteren langs.

In de bocht zie ik sporen van auto’s die verkeerd zijn gereden.

In het gras ligt een natte, volgezogen handschoen. Dit grasveld heet de dood.

Ik maak me zorgen over waar ik zal slapen. Voor de nacht zou ik een hondenhok voor lief nemen.

Zojuist ging ik een kerk binnen, om er te slapen. Ik schrok, een vrouw met een poedel zat er te bidden.

Een moestuinencomplex omsloten door een sloot. Een sprong. Schoenen zinken weg aan de overkant.

Ik voel aan ramen van tuinhuisjes.

Binnen!

Een bedbank. Lucifers. Kaarsen die branden. Twee flessen bier. Op tafel een half ingevuld kruiswoordraadsel.

Wakker geschrokken. Gedroomd over een vrouw die op handen en voeten liep. Ze strooide vermengde as over varkens.

Ik vul de rest van het kruiswoordraadsel in en het laat het als aandenken achter.

Mijn gezicht droogde ik in het huisje met een handdoek die daar hing. Hij rook zo naar zweet dat ik de stank de hele dag meedraag

In het café zit de serveerster juist zelf te eten. Kauwend komt ze op me af.

Er zit condens achter het glas van mijn kompas. De naald is nog zichtbaar. Volgens de serveerster ben ik op kaart 2.

Kilometers lang loop ik door open akkers over een provinciale achter twee half opgeschoten dorpsschonen aan.

Ik rust even uit bij een verlaten bushalte. Straatnamen hier zijn niet terug te vinden op mijn kaarten.

Hoe krijg je condens uit een kompas?

Vanaf nu heb ik niets meer aan mijn kompas en landkaarten. Het ontbreken van pleisters laat zich het zwaarste voelen.

Ik neem de afsteek over natte, drassige weiden. De weg maakt hier een brede haarspeldbocht. Alles is mij onbekend.

Alle huizen die ik passeer lijken verlaten. De dorpen houden zich bij benadering dood.

Ik merk dat de weg naar het zuiden loopt, dwars door de velden. Ik sleep meer dan dat ik loop.

Ik zie iets staan!

Een vervuild schuilhok voor koeien. De klei is door hoeven kapot getrapt. Onder mijn voeten kleverige zware klodders.

Een blokhut. Binnen de resten van een feest. Een spel kaarten, lege wijnglazen. De geur van oude rook. Een kalender hangt op juni

Ik durf niet in de spiegel te kijken. Het uitdoen van mijn schoenen doet zoveel pijn dat ik ze aanlaat.

Ik lig op de bank. Voeten omhoog. Schoenen toch uitgekregen. Blaren onder mijn voeten. De zijkanten zijn rood en kloppen.

Hoe zou het op @woldhorst zijn? Kom ik snel genoeg vooruit? Het kan niet ver meer zijn. Ik ben er vast bijna.

Pleisters en kamferspiritus voor mijn voeten gekocht.

In het bos een kapel op het kruispunt van paden. Daarachter een plas vol ijshelder water, op de bodem ligt vuil eikenloof.

Bij het poepen komt er een haas op grijpafstand langs me. Hij ziet me niet. Kampferspiritus op de linkerdij. Pijn bij iedere stap

Een vrachtwagen pikt me op. De chauffeur vraagt waar de reis heen gaat. @Woldhorst zegt hem niets. Ik ben blij dat ik kan zitten.

De chauffeur heeft me afgezet aan de rand van een dorp en wenste me succes. Volgens hem wordt er gekampeerd in deze streek.

In de dorpsstraat haal ik hinkend een hinkende man in. De weg loopt naar beneden en ik voel knie en achillespees.

Bij de bakker vraag ik of @Woldhorst hier in de buurt is. Het meisje schudt nee en zegt dat de croissantjes in de aanbieding zijn

Uitgenodigd bij een gezin aan tafel. Het oudste zoontje moest huilen omdat hij dacht dat ik een rover was.

Lang geleden dat ik draadjesvlees at.

Na het eten zingt het gezin liedjes. Wanneer ik probeer mee te zingen stopt de vader met gitaar spelen.

Hij zegt dat muziek niet mijn vriend is.

Als ik op mijn pijnlijke voeten wijs, zegt de moeder dat hondenplas tegen de pijn helpt.

Helaas hebben ze geen hond, zegt ze. Alleen katten en een goudvis.

Het gezin lijkt me niet te vertrouwen. Ik overnacht in de schuur. De deur is aan de buitenkant op slot gedraaid.

Ik woel in het stro. Kan geen juiste houding vinden. Uit het huis klinkt geschreeuw en geblaf van meerdere honden.

Twee planken losgewrikt en weer op pad gegaan. Ik heb een zaklamp meegenomen. Dus toch een rover.

Het pad loopt licht omhoog. Het is nevelig en er zit aanhoudend motregen in de lucht. Met mijn voeten gaat het.

Zal ik omkeren?

Ik keer niet om. Ik ga verder.

Ik vraag een jofele boer de weg. @Woldhorst kent hij niet, maar hij biedt aan een stuk op zijn trekker mee te rijden.

We rijden door het eenzame bos. Overal omgevallen sparren. De takken zijn druipnat. Aan alle kanten diepe somberheid.

De boer vertelt een mop. Ik vergeet te lachen.

Afgezet op een splitsing. De boer zegt dat ik het beste links kan gaan, hij gaat rechts.

Ik blijk mijn kompas verloren. Ik was eraan gehecht sinds de Sahara en het is een pijnlijk verlies.

In het bos klinkt het geluid van motorzagen.

Ik ben op @Woldhorst. Een aardig, kort ogenblik gaat er iets milds door mijn dodelijk vermoeide lichaam heen.

Samen met de anderen zou ik vuur koken en vissen tegenhouden, dacht ik.

Het veld is verlaten. Het gras staat keurig overeind. Op de grond ligt één boek.

joubert

Meer nieuws

  • Adriaan van Dis, Lieve Joris en Niña Weijers zijn genomineerd voor de Boon

    2 december 2022

    Drie titels van Atlas Contact zijn genomineerd voor de Boon Literatuurprijs: Niña Weijers met Zelf doen,  Adriaan van Dis met Vijf vrolijke verhalen en Lieve Joris met Hildeke staan op de longlist. ...

    Lees het hele bericht
  • De beste boeken van 2022

    1 december 2022

    Wat waren de beste boeken van 2021 volgens de binnen- en buitenlandse media? Hieronder een overzicht van onze titels. The New York Times: 'The 10 Best Books of 2022' Hernan Diaz, Vermogen ...

    Lees het hele bericht

Leestips ontvangen?

Altijd op de hoogte van het laatste nieuws over boeken, schrijvers en activiteiten? Meld je dan hier aan voor onze maandelijke nieuwsbrief.

Schrijf je in

Agenda