Michel Maas over het coronavirus in Indonesië

Schrijver en journalist Michel Maas

Indonesië

Foto: President Joko Widodo

Maanden bestond het niet: Indonesië was een virusvrije oase in de van virussen kolkende wereld. ‘We hebben dit aan God te danken,’ zei de minister van Gezondheidszorg, en zijn collega van Maritieme Zaken beweerde dat het warme klimaat het virus buiten de deur hield.

De regering rook een geweldige kans: coronavrij toerisme! Miljoenen werden uitgetrokken om Bali te gaan promoten als het enige coronavrije vakantie-eiland ter wereld. Vijf miljoen euro ging naar influencers die de boodschap over het internet moesten gaan uitstrooien.

Dat hoefde niet meer toen in maart dan toch slachtoffers begonnen binnen te druppelen. Waarna het al snel slachtoffers begon te regenen: Indonesië werd na China het Aziatische land met de meeste slachtoffers. Ziekenhuizen werden overspoeld, en artsen hadden alleen maar regenjassen bij wijze van beschermende kleren. Er waren geen beademingsapparaten, nauwelijks ic-bedden of setjes om te testen. De begraafplaatsen vulden zich algauw met tientallen dode artsen en verplegers, en met een meervoud aan patiënten die niet te redden waren. Maar president Joko Widodo hield vol dat alles onder controle was. Een echte lockdown was niet nodig.

Op 14 maart gaf de president toe dat hij de waarheid een beetje had verbloemd, maar dat had hij gedaan met de beste bedoelingen: hij wilde geen paniek zaaien.

De gouverneur van Jakarta smeekte wekenlang vergeefs om een lockdown. Hij moest wachten op toestemming van de minister van Gezondheidszorg. De minister tekende het betreffende formulier pas op 7 april. Drie dagen later gingen de shoppingmalls, cafés, restaurants, moskeeën en fabrieken eindelijk dicht, werden mondkapjes verplicht, en waren samenscholingen van meer dan vijf personen verboden.

Op 14 april gaf de president opnieuw toe dat hij de waarheid had verbloemd, en opnieuw zei hij dat dat was om paniek te voorkomen. Hij beloofde dat de regering vanaf nu transparant te werk zou gaan.

23 April begon de Ramadan, de Bulan Puasa, zoals ze hier zeggen. Normaal trekken in die maand tientallen miljoenen mensen uit de steden naar hun geboortedorp om daar met hun familie het einde van de vasten te vieren. Door die trek (‘mudik’ genoemd) zou het aantal besmettingen krankzinnig toenemen. Pas op 24 april verbood de regering daarom alle vervoer per vliegtuig, boot, trein en auto, tot 1 juli. Alleen al uit Jakarta waren toen al een miljoen mensen vertrokken.

Samen bidden, en vooral samen eten is de essentie van de vastenmaand; samen naar familie, en samen naar het restaurant. Restaurants zetten die maand twee- tot drie keer zoveel om als normaal.

Nu zijn ze dicht.

De eerste illegale mudik-gangers zijn al tegengehouden en teruggestuurd. Nog drie weken te gaan.

Meer nieuws

  • Stageplek op de afdeling pr/publiciteit/marketing

    13 mei 2026

    Houd je van lezen, mooie boeken en wil jij ervaring opdoen bij onze uitgeverij én onze boeken bij lezers onder de aandacht brengen? Bij Atlas Contact leer je hoe een uitgeverij werkt én draag je act...

    Lees het hele bericht
  • Babs Gons wordt gastschrijver bij Rijksuniversiteit Groningen

    29 mei 2026

    Komend academisch jaar (2026-2027) wordt Babs Gons de nieuwe gastschrijver bij Rijksuniversiteit Groningen. Als gastschrijvers zal ze twee openbare Studium Generale lezingen geven waarin ze verkent ho...

    Lees het hele bericht
  • ‘Danswoede’ van Vincent Merjenberg: een roman die je betoverd (of vervloekt) achterlaat

    26 mei 2026

    Onlangs verscheen Danswoede, de tweede roman van Vincent Merjenberg, waarin een schrijver ontdekt dat zijn succesroman het resultaat is van manipulatie door een specialist op het gebied van middeleeuw...

    Lees het hele bericht