Tessa Leuwsha over het coronavirus in Paramaribo, Suriname

Hosselen: Suriname in crisistijd

Ik zat met een groep Nederlanders, Britten en Bulgaren in een korjaal, een behendige houten boot, toen ik op mijn telefoon het bericht las van de eerste besmette persoon in Suriname. We waren op weg naar de lodge die mijn wederhelft Sirano en ik in het verre binnenland van Suriname beheren. De gasten reageerden aanvankelijk laconiek. We zijn midden in de jungle, hoezo corona? Maar later op de dag drong ook bij hen de ernst door. De patiënt kwam uit Nederland. De Surinaamse overheid, zelden betrapt op al te preventief gedrag, besloot per onmiddellijk de luchthaven te sluiten. Het was duidelijk dat Suriname met het uitgeholde medische zorgstelstel bij een uitbraak kansloos zou zijn. De luchthaven, in de volksmond Zanderij genoemd, is de toegangspoort tot het land. Het voelde alsof met veel kabaal een ijzeren rolluik werd neergelaten. Je was binnen of buiten.

Moeilijk aan een marron, inwoner van het oerwoud, uit te leggen wat een virus is. En dat buitenstaanders die vreemde ziekte kunnen overbrengen. Het klonk als iets uit lang vergane koloniale tijden. Saramakaanse marrons zijn een hartelijk volk. Ze houden van lachen en elkaar aanraken. Christa, onze manager, legde in het Saramakaans de nieuwe, strenge omgangsvormen uit. Ze gebruikte driftige handgebaren om afstand houden aan te duiden. Na een tijdje ernstig knikken sprongen de vrouwen, onder wie Tiati en Lobimisi (letterlijk vertaald: Liefmeisje), opeens energiek op. Het zijn vooral vrouwen, kinderen en bejaarden die nog in de marrondorpen wonen. Volwassen mannen doen aan trekarbeid, in de houtkap en goudwinning. Onze klusjesman Johannes, een forse zwarte vent, die zijn naam vermoedelijk dankt aan voorbije zendingsdrift, pakte de trommel. Ter plekke maakten ze een liedje: ‘Corona, corona, a no bunu!’ zongen ze uitbundig. Corona is niet goed! Ze schudden er flink bij met hun heupen, staken hun kont naar achteren en hun handen afwerend naar voren: afstand houden! De boodschap was begrepen.

Paramaribo is nu een spookstad. De laatste toeristen zijn uitgevlogen. Er is een avondklok ingesteld. Net als de luchthaven moesten ook de toeristische oorden sluiten om kwetsbare samenlevingen te beschermen. Onze werknemers zitten voorlopig thuis. Boven op de economische crisis die al gaande was, vormt corona een extra ramp. Door nauwelijks te beteugelen prijsstijgingen zien Surinamers hun inkomen snel verdampen. Zelfs basale levensmiddelen, zoals rijst en spijsolie, zijn voor velen te duur. Hosselen was altijd al een bekend begrip: op allerlei manieren je brood proberen te verdienen. Dat scheelt hopelijk iets.

Meer nieuws

  • Stage op de afdeling pr/publiciteit/marketing

    13 mei 2026

    Wil jij meemaken hoe een literaire uitgeverij werkt en actief bijdragen aan de PR en publiciteit van campagnes voor schrijvers als Adriaan van Dis, Brankele Frank, Babs Gons en Colson Whitehead, dan i...

    Lees het hele bericht
  • ‘Tussen horst en griend’ van Caspar Janssen en ‘De waterzoon’ van Eva Vriend dingen mee naar de Natuurboekenprijs 2026

    13 juli 2026

    Tussen horst en griend van Caspar Janssen en De waterzoon van Eva Vriend maken staan op de longlist van de Natuurboekenprijs. Dit is de prijs voor het beste natuurboek van 2026. De jury bestaat ui...

    Lees het hele bericht
  • Floor Milikowski en Hendrik Noten op de longlist voor De Sociologische Bril 2026

    10 juli 2026

    Contouren van een nieuw land van Floor Milikowski en De prijs van ophef van Hendrik Noten staan op de longlist van de Sociologische Bril 2026. Floor Milikowski (1980) is journalist en geograaf. Voo...

    Lees het hele bericht