Een scherp geobserveerde roman over de botsing tussen de oude en de nieuwe tijd in het New York van 1870 tot 1920. Edith Warton was met dit boek de eerste vrouw die een Pullitzer Prize won.
Na een jarenlang verblijf in Europa is gravin Olenska net teruggekeerd in haar geboortestad New York. Al snel wordt duidelijk dat zij niet meer vertrouwd is met de strikte omgangsvormen die het leven van de New Yorkse upper class bepalen. Wanneer de jonge jurist Newland Archer gravin Olenska ontmoet, heeft hij zich juist verloofd met May Welland, 'het schrikwekkende product van het maatschappelijk systeem waartoe hij behoorde en waar hij in geloofde: het jonge meisje dat niets wist en alles verwachtte'. Tegen alle regels in raakt de welopgevoede Archer onder de indruk van het ongebruikelijke, impulsieve optreden van Olenska.